Opkomst van de steden: waar of nietwaar?

1: De koning was de enige persoon die een stad stadsrechten kon geven.

2: Het was voor een landheer interessant om een stad stadsrechten te geven, omdat ...

3: Een ander woord voor privileges is ...

4: Het hoogste gezag in een stad met stadsrechten kwam te liggen bij ...

5: Het stadsbestuur in een middeleeuwse stad bestond uit ...

6: Hoe werd een belangenvereniging van mensen met hetzelfde beroep genoemd?

7: Alle bakkers, slagers en brouwers waren lid van hetzelfde gilde.

8: Wat was geen reden om aantal leden van een gilde beperkt te houden?

9: Hoe noem je iemand die een aantal jaar als leerling in een gilde gewerkt heeft en die onder toezicht van de baas, zelfstandig producten maakt?

10: Hoe heette het bekende verbond tussen een groot aantal handelssteden dat in de tweede helft van de middeleeuwen een groot deel van Europa bestreek?

11: Welke steden maakten deel uit van het verbond?